LES 14


terug


De keelklanken   (אהחע(ר

Voor degene die het Bijbels Hebreeuws wil leren vormen de keelklanken, in het Hebreeuwse schrift aangeduid met de letters ה ,ה ,א en ע nogal eens een probleem. Vooral de eerste twee wegens de onduidelijke uitspraak.
Hetzelfde probleem heeft zich lang geleden, in wat andere vorm, ook al voorgedaan. In de tijd dat men zijn best deed heel precies vast te leggen hoe de bijbeltekst moest klinken, vooral bij de voordracht in de synagoge, waar het erop aan kwam de tekst foutloos ten gehore te brengen, was de uitspraak van genoemde klanken al geruime tijd niet heel duidelijk meer. Dit heeft geleid tot twee reacties.
In de eerste plaats een poging toch nog iets te laten horen van de haast onhoorbaar geworden keelklanken. De duidelijkste voorbeelden zijn te vinden in die woorden die eindigen op een van de keelklanken ה ,ה of ע voorafgegaan door een lange -u-, -o-, -i- of -e-. In een dergelijke situatie is de afsluitende keelklank voorzien van een pataḥ, geplaatst onder de keelklank, echter ervoor uit te spreken:

רוּחַ rūaḥ wind, geest
נֹחַ nōaḥ Noach
גָּבוֹהַּ gaḇōah hoogte
מַדּוּעַ maddūaᶜ waarom

Een dergelijke pataḥ wordt pataḥ furtivum genoemd, de tersluikse pataḥ, de ingeslopen pataḥ. Bovenstaande regel geldt niet voor de afsluitende א. In de uitspraak was deze keelklank namelijk al volledig verdwenen.

In de tweede plaats zien we, dat ook elders het restant van de keelklank als een soort -a-klank werd gehoord, vandaar dat op vele plaatsen een keelklank gevolgd door een andere medeklinker wordt aangegeven met een korte a-klank. in het schrift betekent dit dat de sjwa, die de afwezigheid van een klinker aangeeft, wordt vervangen door een ḥatef pataḥ, in het schrift het klinkerteken dat bestaat uit een pataḥ. Tegelijk zien we dat de keelklanken graag ook in de omgeving een -a-klank hebben. We geven enkele voorbeelden van de vervoeging van werkwoorden met een keelletter op de eerste en tweede plaats.

יַעֲבֹד yaᶜăḇod יִמְלֹךְ yimloḵ
יַחְמֹד yaḥmod יִמְלֹךְ yimloḵ
שָׁחֲטָה šȧḥəṭǡ מָלְכָה mȧləḵǡ


De lastige uitspreekbaarheid van de keelklanken is er ook de oorzaak van dat ze niet verdubbeld kunnen worden. Soms blijft alleen de verdubbeling weg, meest echter wordt de voorafgaande klinker verlengd. Deze regel geldt ook vaak bij de ר die blijkbaar ook als keelklank werd gevoeld.

הָאֶבֶן hȧ-ᵓęḇęn הַמֶּלֶךְ ham-męlęḵ
בֵּרַךְ beraḵ קִטֵּל qiṭṭel

De volgende verlengingen zijn gebruikelijk: a > ȧ; i > e; u > ō.